Meer sparen in 2026? Hier vind je de beste manier

Met 500 euro per maand sparen én beleggen in 2026: wat levert het écht op?

Steeds meer Belgen willen hun spaargeld beter laten renderen. Maar tussen de ambitie en de praktijk gaapt een kloof. Hoe pak je het slim aan, en welke opbrengst mag je realistisch verwachten? Een grondige analyse.

De boodschap klinkt verleidelijk: laat je geld harder werken in 2026. Maar achter die belofte schuilt een complexe realiteit. Want terwijl spaarrekeningen historisch lage rendementen blijven bieden – zeker in België – lijken alternatieven als beleggen aantrekkelijker, maar brengen ze ook risico’s met zich mee. Wat is nu de verstandigste aanpak voor wie maandelijks 500 euro kan opzijzetten?

De Belgische spaarparadox: veel geld, weinig rendement

België behoort tot de absolute koplopers wanneer het gaat om spaarvermogen. Tegelijkertijd staat ons land in de Europese top 5 van laagste spaarrendementen. Die paradox wordt alleen maar pijnlijker wanneer je de evolutie van het afgelopen jaar bekijkt.

Eind 2024 bood de meest rendabele spaarrekening zonder voorwaarden – Santander Consumer Bank Vision+ – nog een totale rente van 2,25 procent. Begin 2026 is dat teruggevallen naar 1,65 procent. Een daling van bijna een derde, die hard aankomt voor wie uitsluitend op spaargeld vertrouwt.

Toch blijft sparen voor velen de eerste reflex. Volgens de Spaarbarometer 2025 van Santander Consumer Bank kan 55 procent van de Belgen maandelijks 500 euro opzijzetten. Een aanzienlijk bedrag, maar de vraag is: wat levert dat concreet op, en is dat genoeg?

Stap één: bouw eerst een vangnet

Voor wie droomt van snelle beleggingsrendementen, komt hier een nuchtere realiteitscheck: begin altijd met een degelijke spaarbuffer. Financiële experts adviseren een reserve van zes tot twaalf maanden aan vaste uitgaven – of zes tot twaalf keer je netto maandloon.

Het praktijkvoorbeeld

Stel: je verdient netto 2.781 euro per maand, het huidige Belgische gemiddelde voor gehuwde of wettelijk samenwonende bedienden. Voor een buffer van zes maanden heb je dan 16.686 euro nodig. Met een maandelijkse inleg van 500 euro duurt het ongeveer drie jaar om dat bedrag bij elkaar te sparen.

Op dit moment biedt het Carnet de dépôts Plus van CPH Banque de hoogste rente voor wie zo’n buffer opbouwt: 2,10 procent basisrente plus 0,50 procent getrouwheidsbonus. Let wel: op deze rekening kun je maximaal per maand 500 euro storten, wat de flexibiliteit beperkt.

De opbrengst in cijfers

Start je met 1 euro en stort je vervolgens twaalf maanden lang telkens 500 euro? Dan levert dat na het eerste jaar 71,05 euro op. Na twee jaar bedraagt de totale opbrengst 300,18 euro, na drie jaar 691,38 euro. Tel je initiële inleg van 18.000 euro erbij en je komt op een totaalbedrag van 18.691,38 euro.

Heb je die buffer al bereikt? Dan loont het de moeite om je spaargeld te verhuizen naar een rekening zonder stortingslimiet. De meest rendabele optie momenteel is Santander Consumer Bank Vision+, met 1,65 procent. Een bedrag van 16.686 euro brengt daar na een jaar 275,32 euro op – weliswaar minder spectaculair dan gehoopt.

Stap twee: beleggen voor wie verder kijkt

Zodra je spaarbuffer op peil is, begint het interessante deel. Want voor geld dat je echt kunt missen – en dat je minimaal vijf tot tien jaar niet nodig denkt te hebben – biedt beleggen historisch gezien betere rendementen dan sparen.

De kanttekening bij korte termijn

Wie slechts één jaar vooruit kijkt, moet echter oppassen met rooskleurige verwachtingen. Beleggingen kennen schommelingen, en op korte termijn kan je rendement flink tegenvallen. Zelfs negatief uitvallen. Dat risico verdient een prominente plek in elk verhaal over beleggen, ook al wordt het in marketingcommunicatie vaak onderbelicht.

Wat leerde het recente verleden?

Een blik op historische cijfers geeft wel houvast. Het beleggingsplan “Portefeuille Gedurfd” van Keytrade Bank Plan leverde tussen 2021 en 2025 gemiddeld 7,77 procent netto rendement op. Klinkt aantrekkelijk, maar wat betekent dat in de praktijk?

Rekenvoorbeeld

Begin je met een startinleg van 500 euro en voeg je daar elke maand 500 euro aan toe? Bij een gelijkblijvend rendement van 7,77 procent – een grote aanname – zou je na één jaar 285,62 euro winst maken. Na twee jaar stijgt dat naar 1.021,23 euro, na drie jaar naar 2.328,42 euro.

Dat zijn op het eerste gezicht aantrekkelijke cijfers. Toch verdienen ze een kritische noot.

De kanttekeningen die je moet kennen

1. Historische prestaties garanderen niets

Het gemiddelde rendement van de afgelopen vijf jaar zegt weinig over de komende jaren. Financiële markten worden beïnvloed door economische ontwikkelingen, geopolitieke spanningen, rentebeslissingen van centrale banken en tal van andere factoren. Het rendement van 7,77 procent kan in 2026 zowel hoger als lager uitvallen – of zelfs negatief worden.

2. Kosten vreten aan je rendement

Beleggingsplannen brengen kosten met zich mee: instapkosten, beheerskosten, transactiekosten, mogelijke uitstapkosten. Die kunnen behoorlijk variëren tussen aanbieders. Ook de roerende voorheffing van 30 procent op dividenden en meerwaarden bij bepaalde beleggingsproducten tikt aan. Het vermelde “netto” rendement houdt daar al rekening mee, maar het is goed om je daarvan bewust te zijn.

3. Risicoprofiel is niet voor iedereen gelijk

Een “gedurfde” portefeuille past bij beleggers die volatiliteit aankunnen, zowel financieel als mentaal. Wie ’s nachts wakker ligt van koersdalingen, kiest beter voor een defensievere strategie – ook al levert die mogelijk minder op.

4. Spaarrentes kunnen ook weer stijgen

De huidige lage spaarrentes zijn geen wet van Mede en Perzen. Als de Europese Centrale Bank de rente opnieuw verhoogt, kunnen spaarrekeningen weer aantrekkelijker worden. Flexibiliteit bewaren – een deel sparen, een deel beleggen – kan verstandig zijn.

Sparen versus beleggen: de vergelijking

Stel je begint beide strategieën tegelijk: 500 euro per maand naar je spaarrekening (na het opbouwen van je buffer), en 500 euro per maand naar een beleggingsplan. Hoe verhoudt zich dat na drie jaar?

Spaaroptie (Santander Vision+, 1,65%)
Na drie jaar heb je 18.000 euro gestort. Je totale vermogen bedraagt ongeveer 18.456 euro – een opbrengst van 456 euro. Weinig spectaculair, maar wel zonder risico (binnen de depositogarantie van 100.000 euro).

Beleggingsoptie (gemiddeld 7,77% rendement)
Na drie jaar heb je eveneens 18.000 euro ingelegd. Bij een gelijkblijvend rendement bedraagt je totale vermogen ongeveer 20.328 euro – een opbrengst van 2.328 euro. Aanzienlijk meer, maar met het risico dat je vermogen ook minder kan worden.

Het verschil: ruim 1.870 euro. Dat is het premie die de markt je potentieel geeft voor het nemen van risico. Of het offer dat je brengt voor zekerheid, afhankelijk van hoe je het bekijkt.

Praktische tips voor wie begint

Start bescheiden
Begin met bedragen die je echt kunt missen. Bouw ervaring op voordat je grotere sommen investeert.

Diversifieer
Spreid je risico over verschillende beleggingen, sectoren en regio’s. De meeste beleggingsplannen doen dit automatisch via fondsen, maar controleer wel de spreiding.

Kijk verder dan één jaar
Wie begin 2026 begint met beleggen en verwacht eind 2026 rijk te zijn, komt bedrogen uit. Denk in termijnen van vijf, tien of vijftien jaar.

Herbekijk je strategie regelmatig
Eenmaal per jaar je portefeuille doorlichten is verstandig. Zijn je doelstellingen nog hetzelfde? Pas je risicoprofiel nog bij je levensfase?

Laat je niet leiden door emoties
Koersdalingen horen bij beleggen. Wie in paniek verkoopt bij tegenvallende resultaten, mist vaak het herstel dat daarna volgt.

De conclusie: geen wondermiddel, wel kansen

Kan je 500 euro per maand beter laten renderen in 2026? Zeker. Maar de route naar meer rendement vraagt geduld, discipline en realistische verwachtingen. Sparen blijft de basis voor financiële zekerheid, beleggen biedt kansen voor wie verder kan kijken en volatiliteit accepteert.

De Belgische spaarder staat voor een keuze: de veiligheid van magere maar stabiele spaarrentes, of de belofte – maar ook het risico – van hogere beleggingsrendementen. De slimste strategie? Een combinatie van beide, afgestemd op je persoonlijke situatie, leeftijd en toekomstplannen.

Want uiteindelijk gaat het niet om het hoogste theoretische rendement, maar om de aanpak waarmee jij je financieel het meest comfortabel voelt. En die kan elk jaar opnieuw evalueren, naargelang markten en je eigen leven veranderen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *