Woning kopen

Woning kopen: nu meteen toeslaan of nog even sparen voor meer eigen geld?

De vraag houdt kopers bezig: is het voordeliger om nu al een huis te kopen met beperkt eigen vermogen, of loont wachten tot je een steviger financieel fundament hebt? Een doorrekening leert dat het antwoord genuanceerder ligt dan je zou denken.

Het dilemma van de aspirant-huizenkoper

Je droomwoning staat te koop voor 400.000 euro – ruim boven de huidige gemiddelde verkoopprijs van 346.648 euro in België. Op je spaarrekening prijkt 50.000 euro. De bank knikt goedkeurend: een lening krijg je zonder problemen. Maar klopt die haast wel? Of is het slimmer om eerst door te sparen tot je 100.000 euro eigen inbreng hebt?

Het is een financiële afweging die steeds meer Belgen moeten maken in een vastgoedmarkt waar prijzen blijven stijgen en rentetarieven schommelen. GeldSpot rekende beide scenario’s door – met bevindingen die tot nadenken stemmen.

Scenario 1: Nu kopen met 50.000 euro eigen geld

Bij een aankoop van 400.000 euro kun je bij de bank maximaal 87,5 procent van het bedrag lenen: 350.000 euro. De resterende 50.000 euro stort je zelf in. Op basis van de tien beste officiële tarieven kom je momenteel uit op een gemiddelde rente van 5,25 procent voor een lening op dertig jaar met vaste rente.

De maandelijkse afbetaling bedraagt in dit geval 1.906,30 euro. Over de volledige looptijd betaal je in totaal 686.267,06 euro terug aan de bank. Daarvan is 336.267,06 euro interest – bijna evenveel als het oorspronkelijk geleende bedrag. Een prijskaartje dat de wenkbrauwen doet fronsen.

Kanttekening: dit zijn de officieel gepubliceerde tarieven. In de praktijk kun je vaak een beter tarief onderhandelen met je bank, afhankelijk van je profiel en de concurrentie tussen kredietverstrekkers.

Scenario 2: Wachten en meer eigen inbreng opbouwen

Het alternatief: nog even doorbijten en sparen tot je 100.000 euro eigen vermogen hebt. Dan hoef je nog maar 300.000 euro te lenen. Op het eerste gezicht lijkt dat aantrekkelijk, maar de realiteit is weerbarstiger.

Ten eerste: die droomwoning staat tegen die tijd waarschijnlijk niet meer te koop. De Belgische vastgoedmarkt kent weinig geduld. Ten tweede: huizenprijzen stijgen. In 2025 alleen al nam de gemiddelde verkoopprijs met 5 procent toe. Voor hetzelfde bedrag krijg je over enkele jaren mogelijk een bescheidener pand.

Toch zijn er financiële voordelen aan wachten. Met 300.000 euro te lenen kun je kiezen voor een kortere looptijd. Bij een lening over twintig jaar met vaste rente zakt het gemiddelde van de tien beste tarieven naar 4,21 procent. Je maandlast bedraagt dan 1.838,70 euro – iets lager dan in scenario één, ondanks de kortere looptijd.

Het grote verschil zit in de totale kostprijs: je betaalt 441.287,46 euro terug, waarvan 141.287,46 euro interest. Dat is bijna 200.000 euro minder aan interestlasten vergeleken met het eerste scenario.

Kritische noot: deze berekening veronderstelt dat rentetarieven stabiel blijven of zelfs dalen. Niemand kan voorspellen hoe de rentemarkt er over enkele jaren uitziet. Als de rente stijgt, verdampt dit voordeel mogelijk volledig.

De spaarpiste: haalbaar maar met haken en ogen

Hoe lang duurt het om die extra 50.000 euro bij elkaar te sparen? Bij een maandelijkse spaarinspanning van 500 euro en de beste huidige spaarrente – de Ritme Spaarrekening van vdk bank met 2,85 procent – beschik je na acht jaar over 54.113,60 euro.

Maar ook hier geldt: oppassen voor te rooskleurige aannames. De kans dat de spaarrente acht jaar lang minstens 2,85 procent blijft, is klein. Spaarrentes schommelen mee met het monetair beleid van de Europese Centrale Bank en de concurrentie tussen banken.

De verborgen kosten van wachten

Wat deze theoretische doorrekening niet meeneemt, zijn de praktische gevolgen van acht jaar wachten. Blijf je bij je ouders wonen? Dan bespaar je huur, maar verlies je wel jaren van zelfstandig wonen. Ga je huren? Tel dan gemiddeld 800 tot 1.200 euro huur per maand op – geld dat je niet terugziet en niet kunt beleggen in eigen stenen.

Over acht jaar betaal je mogelijk 76.800 tot 115.200 euro aan huur. Dat bedrag weegt zwaar door in de vergelijking en kan het rentevoordeel van later kopen tenietdoen.

Wat zegt de markt?

De Belgische vastgoedmarkt kent weinig voorspelbaarheid. Prijsstijgingen van 5 procent per jaar zijn geen zekerheid, maar evenmin is een correctie uitgesloten. Economen wijzen op verschillende factoren die de komende jaren druk kunnen zetten op huizenprijzen: vergrijzing, veranderende woonbehoeften en mogelijke economische tegenwind.

Tegelijk blijft de vraag naar woningen in populaire regio’s groter dan het aanbod – een klassieke motor voor prijsstijging.

De afweging: meer dan enkel cijfers

De keuze tussen nu kopen of nog even sparen is geen eenvoudige rekensom. Financieel gezien lijkt langer sparen voordeliger: minder interest betalen weegt zwaar. Maar de rekenmodellen houden geen rekening met levenskwaliteit, gemiste kansen op de woningmarkt en de onzekerheid over toekomstige rente- en prijsontwikkelingen.

Voor wie vandaag een woning vindt die perfect past en de maandlasten kan dragen, kan toeslaan zinvol zijn – ook al is de interestfactuur hoger. Voor wie nog kan en wil wachten, kan een grotere eigen inbreng op termijn lonen – mits de marktomstandigheden meezitten.

Belangrijkste les: vertrouw niet blind op officiële tarieven en gemiddelden. Onderhandel met je bank, vergelijk actief verschillende aanbieders en laat je adviseren door een onafhankelijke hypotheekmakelaar. In een financieel landschap vol variabelen kan dat tienduizenden euro’s schelen.

Bij het maken van deze keuze verdient het aanbeveling om professioneel advies in te winnen dat rekening houdt met je persoonlijke situatie, toekomstplannen en risicotolerantie.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *